Biographie

Van Ernst Hendrik , eerste geboren zoon uit het huwelijk van Zacharias Hendrik Flohr met Maria Elisabeth Ebeling, geboren te Passoeroean  Eiland Java den 7e Februari 1795

Ernst Hendrik was in zijn 11e jaar ouderloos. Vader en moeder waren in het jaar 1806 te Panaroekan overleden.

Hij en zijn broeder Johannes  geboren den 10en April 1799 waren aan den rand van het graf geweest, naast God hadden zij toen den Heer van Hersen te danken, dat zij in het leven waren gebleven, doordat die Heer hen, nog bijtijds uit dat verpeste Panaroekan naar Sumanap gevoerd en aldaar in hunne vroegere gezondheid had hersteld.

Ternauwernood waren zij te Passoeroean teruggekomen bij hunne grootmoeder en oom Ebeling of werd hij (Ernst Hendrik) door hoogeren last van den Heer Van Rossenbrigler Opperhoofd van Soerabaja’s Oosthoek gerequireerd naar derwaarts op te zenden. In den vroegen morgen van den 5 Februari 1807 werd hij door zijn oom Ebeling begeleid naar de woning van den Heer Hesselaar , kommandant en bestuur aldaar , en werd door Zed. G. Manhaftigen Heer Hesselaar in ontvangst gegeven een gegraveerd cachet en een verzegeld pakje gericht aan hem en een beursje met gouden Dukaten en hem helpende in de koets te stappen (want in oude tijden waren de rijtuigen 3 of meer voeten van den grond)

Ziedaar, E.M. Flohr reed vergezeld door Heer Blento oude lijfjongen van zijnen vader van zijne geboorteplaats naar vreemden plaatsen; met neergebogen hoofd en biggelende tranen aan de oogen, ging hij het hem beschoren lot tegemoet. Tot de Regentschap Bangil komende werd hem door den Regent en den Kaptitein der Chineezen (broeder van den Regent) van Passoeroean uit de koets geholpen en omhelsd en naar de gereedstaande tafel geleid. Deze twee personen waren parnaken chinees intieme vrienden van wijlen zijnen vader, en de Regent had, omtrent zijn rang en kwaliteit aan den ouden Heer Z.H. Flohr te danken, waarom hij dan als zijn voorlang terugkomenden zoon verbreidde.

Na ontbeten te hebben kwam de Regent’s aangespannen wagen voor, hij werd door de twee vaders vrienden onder het stoppen van een handvol Spaansche matten in zijn kamisoolzakken weder in de wagen geholpen, reed tot Soerabaja, alwaar de wagen dicht voor het Residentiehuis stil hield.

De oude majoor Brisscher hielp hem uit den wagen, bracht hem naar binnen, en presenteerde hem aan den Heer Opperhoofd.

Z.H. Edelheid vroeg hem , of de Heer Hesselaar hem een cachet en pakje papieren had medegegeven, en antwoorde van ja. Geeft het hier, laat mij zien en ge beduiden wat of het is: “Deze tjap is het familiewapen van uw vader, draagt als goede zorg, ant hier hangt Uw geluk af; naderhand als gij groot wordt, uit dit parkiment geschreven brevet toont aan, de naam en kwaliteit naar uwen vader. Daaruit ontwaart ge dat Uw vader geen Flohr heet, maar wel: “Zacharich Heinrich Heer von Rhuband, kolonel van het Regiment HULANEN tevens Adjudant  van Zijne Koninklijke Hoogheid den Erfprins van Pruissen. Uit dezen bundel verstaat gij, waarom hij Pruissen moest verlaten en op Java is komen dwalen. Ziet en luistert hier:

“Hij was over een meisje van het hof in twist geraakt met zijne medeminnaar tevens zijn Collega zelf de Kolonel van de zware RAZABINIERS en adjudant van den Erfprins, de twist werd beslist in twee gevecht met de pistool en ongelukkig had Uw vader zijn tegenpartij de Kolonel Graaf von Rosbach doodgeschoten.”

Was hij die het eerste schot deed, en daarna het doodelijk schot van Uw vader ontvangen, dan was bij ons de wet, de ongelukkige niet mogen vervolgen, maar Uw vader hed eerst moeten schieten en den Graaf ter nedergeveld, dus om de vervolging door de wet te ontgaan, moest hij zich redden met de vlucht onder andere naam.”

“RHUBAND of FLOHR is hetzelfde als in Hollandsch rauwband of floers en toog hij naar Nederland met een aanbevelingsbrief van Z.H. Den Erfprins aan den Prins van Oranje, en door dezen naar de oost gezonden met den rang van Sergeant op Java met een aanbevelingsbrief van de Kamer der 17e. Aan den Heer Gouverneur Generaal WILLEM ARNOLD ALTING”. Enz.

Afschrift ontvangen 8 augustus 1991 van de heer J.B. Flohr uit Hengelo.

Familiegeschiedenis David